Een voorproefje van concurrentie op het Nederlandse spoor? Arriva zou ‘onverwacht’ treinen kunnen laten rijden naast NS
Hoewel de Nederlandse Spoorwegen (NS) normaal gesproken een feitelijk monopolie heeft op het Nederlandse hoofdspoorwegnet, kan een onverwachte ontwikkeling ervoor zorgen dat concurrent Arriva vanaf 2026 op één traject zijn intrede doet. Volgens de capaciteitstoewijzing van ProRail voor de dienstregeling van 2026 mag Arriva naast NS ook daluren rijden tussen Zwolle en Groningen.
Arriva heeft 24 van de 26 aangevraagde ritten op de lijn Zwolle-Groningen in het noordoosten van het land toegewezen gekregen. Dit is een belangrijke stimulans voor het bedrijf, dat al lange tijd streeft naar uitbreiding van haar rol in het nationale spoorwegnet. De diensten werden aangevraagd onder de regels voor open toegang, waardoor sinds 2019 alle vervoerders met een vergunning een aanvraag kunnen indienen voor een deel van de beschikbare restcapaciteit. Deze treinen zullen dus rijden naast de op concessies gebaseerde diensten van het staatsbedrijf (maar geprivatiseerd) NS, dat het exclusieve hoofdnetcontract heeft.
In 2024 had Arriva ook vier vrij toegankelijke ritten toegewezen gekregen. Het bedrijf koos er echter voor om deze niet uit te voeren, omdat het commercieel niet rendabel was om slechts een handvol treinen te laten rijden. In plaats daarvan besteedde het bedrijf een groot deel van het jaar aan het bekritiseren van het toewijzingsproces, zonder veel verandering teweeg te brengen.
Afhankelijk van of Arriva erin slaagt om het te laten werken, zou het met de komende dienstregelingwijziging in december 2026 de eerste keer kunnen zijn dat Nederlandse passagiers een echte keuze hebben tussen twee vervoerders. Elders in Nederland bestaat een dergelijke concurrentie niet. De capaciteit op het hoofdnet is over het algemeen te schaars om dit toe te staan, terwijl regionale spoordiensten worden gegund aan één enkele exploitant (waaronder een aantal aan Arriva) door middel van concurrerende aanbestedingen volgens de EU-regels. Arriva heeft eerder geëxperimenteerd met nachttreinen (niet-slaper diensten) op het hoofdnet onder open toegang, maar deze concurreerden niet echt direct met NS, aangezien nachtdiensten zeldzaam zijn.
Onverwachte toewijzing
De reden dat ProRail vorig jaar slechts vier ritten in open toegang toekende aan Arriva had deels te maken met spoorstabiliteit, overwegveiligheid en tractiecontrole. De extra treinen zouden te veeleisend zijn geweest. “Vooral in de spits, omdat er dan te veel treinen per uur zouden rijden”, zegt Arriva-woordvoerder Nikkie Smit tegen zusterpublicatie SpoorPro. “Dus wat hebben we gedaan? We hebben de tijden van alle ritten een beetje verschoven.”
Dat verandert duidelijk iets, want ineens krijgt Arriva volgens de woordvoerder “heel onverwacht” veel meer capaciteit toegewezen. “Dat is vooral buiten de spits: voor de spits, tussen de spits en in de vroege avond. Daar zijn we blij mee, want je kunt je voorstellen: 24 ritten bieden meer potentieel dan 4.” Overigens kan een deel van de treinen alleen tussen Assen en Zwolle rijden, behalve op vrijdag.
Een woordvoerder van ProRail bevestigde de ontwikkeling ook. “Dat komt omdat ze anders zijn toegepast. De beperkingen van de infrastructuur en de toewijzings- en coördinatiemethode zijn hetzelfde gebleven.”
Keuze voor de reiziger
De nieuwe dienstregeling gaat in op 14 december 2025 en zal dan gedurende heel 2026 lopen. Het is nog maar de vraag of het Arriva zal lukken om tegen die tijd treinen op het traject te laten rijden, want er moet in een kleine vier maanden veel werk verzet worden om dat mogelijk te maken. “Het werd pas op het laatste moment duidelijk dat we dit zouden krijgen,” zegt Smit. “Het is dus nog een hele puzzel, een flinke uitdaging, om het rollend materieel, het personeel en alles klaar te krijgen voor die tijd.”
De beslissing komt inderdaad onverwacht. ProRail maakte eerder deze week bekend dat de capaciteitstoewijzing definitief was. In de aankondiging op haar website stelde de spoorbeheerder dat het gezien het grote aantal aanvragen onmogelijk was om iedereen tevreden te stellen. Het bedrijf verwees naar het spoor tussen Zwolle en Groningen, zonder Arriva te noemen. Nu blijkt dat de vervoerder grote problemen heeft in dit gebied.
Arriva heeft de toegewezen diensten aangevraagd onder open toegang – waardoor alle bedrijven sinds 2019 een deel van de beschikbare capaciteit kunnen aanvragen. Deze diensten komen dus bovenop de diensten van NS, die onder de concessie voor het hoofdrailnet vallen. Hoewel Arriva nu een groter aantal treinen mag rijden, op hetzelfde traject als NS, zijn de ambities groter. De vervoerder wilde al deze diensten overnemen en vindt dat het nog steeds het recht heeft om er een bod op uit te brengen, hoewel de Nederlandse overheid het hele hoofdrailnet zonder aanbesteding of marktonderzoek aan NS heeft gegund. Hierover loopt momenteel een rechtszaak.
Lees meer:
- NS versus Arriva: kunnen uitdagers echt een groot deel van het Nederlandse spoornetwerk winnen?
- Wie wint de liberalisering in Tsjechië? Arriva haalt €750m ‘vlaggenschip’ contract binnen nu particuliere exploitanten staatsgesteunde ČD omsingelen
Abonneer nu voor toegang tot al het nieuws
Heeft u al een abonnement? Log in.
Kies uw abonnement
Interesse in een bedrijfsabonnement? Neem contact met ons op voor de mogelijkheden.
Of
Dit artikel gratis lezen?
U kunt gratis een artikel per maand lezen. Vul uw e-mailadres in en we sturen u een link waarlangs u het volledige artikel kunt lezen. Geen betaling benodigd.




