Na investering van bijna 1 miljard regelen 10 seinhuizen voortaan het treinverkeer

Seinhuis Brussel
Seinhuis Brussel

Voortaan beheren tien ultramoderne seinhuizen dagelijks zo’n 4.000 treinen. Bij de oprichting van Infrabel, in 2005, waren er nog 368 seinhuizen die vaak met verouderde technologie werkten. Het doel is om het treinverkeer nog veiliger en overzichtelijker te organiseren en tegelijk nieuwe en nog betere werkomstandigheden creëren voor het personeel. Het programma startte 18 jaar geleden en is een investering van bijna 1 miljard euro bij betrokken. RailTech.be nam een kijkje op de Brusselse locatie. 

Antwerpen-Haven, Antwerpen-Berchem, Bergen, Brugge, Brussel, Charleroi, Gent-St-Pieters, Hasselt, Luik en Namen. Deze tien seinhuizen regelen voortaan het volledige treinverkeer in België. Het resultaat van een van de grootste industriële operaties ooit bij Infrabel om het aantal seinhuizen te concentreren. “Het grootste voordeel van deze concentratie is dat het treinverkeer nu veel overzichtelijker en centraler wordt aangestuurd”, zegt Thomas Baeken, woordvoerder van Infrabel.

Beter zicht

Vanuit de tien seinhuizen heeft men volgens Infrabel een veel globaler zicht op het real time treinverkeer en kan men dus ook sneller anticiperen op mogelijke incidenten. De moderne seinhuizen zijn computergestuurd en ze werken allemaal met een Traffic Management Systeem, dat is een performant softwarepakket om het treinverkeer te regelen. Dit programma bundelt alle informatie met betrekking tot de verkeerssturing en stelt deze informatie (mogelijke vertragingen, omleidingen, afschaffingen, perronwijzigingen …) ook real time ter beschikking van de spoorwegoperatoren die actief zijn in België. Dit computerprogramma ondersteunt het seinhuispersoneel in zijn dagelijkse taak om veilig en vlot het treinverkeer aan te sturen.

Seinhuis Brussel
Het seinhuis Brussel van binnen.

Back-up

De locaties van de tien seinhuizen werden gekozen in functie van de strategische spoorknooppunten op het net. Maar er werd ook rekening gehouden met een evenredige verspreiding in Vlaanderen, Wallonië en Brussel in functie van de tewerkstellingsgraad. Elk seinhuis heeft nog een back-up gebouw. Wanneer één van de tien zou uitvallen, kunnen deze ‘reservegebouwen’ snel opgestart worden om de continuïteit van het treinverkeer in alle veiligheid te blijven garanderen.  Door deze investering is het mogelijk om jaarlijks zo’n 130 miljoen euro te besparen op het budget van Infrabel. Door de seinhuizen te concentreren ligt het energieverbruik ook lager. De operatie werd eind 2022 afgerond. Het gaat om een investering van 960 miljoen euro. Het merendeel van het budget ging ook naar het vernieuwen van de seintechnologie rond de sporen.

Concentratie

Met zo’n 100 tot 150 mensen per seinhuis zijn nu ongeveer 1.300 mensen verantwoordelijk voor het dagelijks beheren van het treinverkeer. Dat is twee keer zoveel als tien jaar geleden. De concentratie van de seinhuizen werd afgerond zonder naakte ontslagen omdat deze parallel liep met de natuurlijke uitstroom. “Zo slaagde we erin om de pensioneringsgolf om te buigen in een opportuniteit door met minder mensen (want minder seinhuizen) toch dezelfde kwaliteit van verkeerssturing te blijven waarborgen”, zegt Baeken.

Infrabel zal in de loop van 2023 ongeveer 200 mensen aanwerven om in de seinhuizen aan de slag te gaan. In totaal worden niet minder dan 800 nieuwe werknemers gezocht. Om in een seinhuis te werken moet je een diploma van de middelbare school hebben en is een minimale kennis van het Nederlands vereist. De opleiding is betaald en duurt 6 maanden. In Brussel zijn er momenteel een 40-tal vacatures voor seinhuispersoneel. Daarnaast zijn er zo’n 90 banen voor het onderhoud van de spoorinfrastructuur (waarvan ongeveer 30 in de werkplaats van Schaarbeek). Daarnaast zijn er 150 vacatures bij de algemene diensten (HR, financiën, commerciële diensten…).

Seinhuis brussel
De concentratie van de seinhuizen startte in 2005.

Digitale omwenteling

Voor de oprichting van Infrabel waren er liefst 368 seinhuizen. Zij regelden het treinverkeer in kleine geografische zones. “Zo had je op één spoorlijn vaak verschillende seinhuizen die een trein veilig door het verkeer moesten loodsen”, zegt Baeken. “Waar de actiezone van één seinhuis ophield, nam het volgende over. Vergelijk het met een estafetteloop waar de trein de stok is die wordt doorgegeven en de seinhuizen de lopers. Op zich veilig maar niet echt heel praktisch en overzichtelijk. Vroeger moesten treinbestuurders heel vaak contact opnemen met veel verschillende seinhuizen. Met de concentratie is deze communicatie nu veel meer gecentraliseerd en efficiënter.”

De concentratie van de seinhuizen startte in 2005, bij de oprichting van Infrabel, en was vooral mogelijk door de technologische evolutie. “Vroeger werkten seinhuizen met verouderde, elektromechanische systemen”, zegt Baeken. “Daarom moest een seinhuis in de buurt liggen van de seinen en wissels die het aanstuurde. Maar door de digitale revolutie en het glasvezelnetwerk werd het opeens wel mogelijk om over lange afstanden het treinverkeer te regelen. Dat was het begin van de hele operatie. De concentratie van de seinhuizen is dus tegelijk ook een grote digitaliseringsgolf.”

Het welzijn als drijfveer

In de oude seinhuizen was het niet altijd comfortabel werken. In sommige seinhuizen kon het weleens binnen regenen. Het comfort voor de werknemers werd in de nieuwe seinhuizen aangepakt.  De rode draad in dit verhaal: de ergonomie. “Het creëren dus van de best mogelijke werkomstandigheden voor ons seinhuispersoneel”, zegt Baeken. “Gaande van een optimale werkplekinrichting, met bijvoorbeeld geacclimatiseerde werkplaatsen, ontspanningsruimtes maar ook een nieuwe werkorganisatie, aangepaste uurroosters en een bijzondere aandacht voor het mentaal welzijn en de werkprocessen die de mensen ondersteunen in zijn dagelijkse taken.”

Lees ook:

Auteur: Matthias Vanheerentals